vrijdag 17 augustus 2018

Rob Zweedijk -- achteraf het station & vertaling van wat vanzelf

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =


dbnl
singel









achteraf het station

als wat ik niet had gezien
nooit eerder dan toevallig
dan slechts uiterlijk verstaanbaar

na herhaald hetzelfde uitgerekend
welke rand de voorwaarde
of daarna niet meer dit ook anders

dan hoe hard
wat geschreeuwd staat en tegen
als alleen een gedachte kan
een moment of op tijd

terwijl ik te veel ook voor mij zei
over wat geldig en ook nu
of altijd verkeerd verbonden
misschien is dat dan de beperking

die ik niet bedoelde
zo beraamd te zijn dat
steeds weer

als die vijf minuten
als achteraf
als altijd


*


vertaling van wat vanzelf

wat er staat
te midden van wat neergezet
en zo bewolkt dat niet meer dan hetzelfde
steeds de herhaling is

hoe ik nu meer de lucht zou moeten

en terwijl ik dat probeer
niet meer nader dan herzien
wat er staat vervolgens voorbeeld

wat ik vergeet als
niets dan wat je wilt
zeg met welk licht of toch weer anders
niet meer nader dan herzien
toch weer anders

hoe laat het ook is


Rob Zweedijk (1969)
uit: hoe verder geen punt (2018)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

donderdag 16 augustus 2018

Karel van den Oever --- Nachttrein & Het open luik

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
bio
wat gedichten









De nachttrein

De trein rolt op den zwarten bol der aarde:
o, angst-versnelling van mijn hartstocht
in de afgrond naar God.
De gloeiende veeg van mijn vinger,
fosforisch op den blauwen glas-wand van een nacht;
het grauw geraas van een levenslot
aan de duistere bocht
van een dennenbosch waar God mij wacht.
O, gij daverend hart der machien,
en uw God-verloren vlucht,
o, gij kreunende jacht van wiel na wiel,
gij, gij, wroegende zucht
die uit den schoorsteen viel;
en de lange, angstige glijding der sporen
die achter de aarde reeds het gerucht
van den verren trein doet hooren.
De nacht-trein gilt en loeit.
Maar, de nacht-trein gloeit:
traan van Laurentius in Augustus-nacht,
glimworm in een ver veld,
goud-meteoor
die onder den blauwen nacht-boog snelt.
De nacht-trein zit vol menschen
die droomen, waken, denken, wenschen
en vooral met pijn iets verwachten:
zij rijden dagen, weken, nachten
op den brandzwarten bol der aarde.
- Is God nog ver? -
zoo denkt een somber man,
die uit het raampje staarde
naar maan en ster.


*


Het open luik

Het harde, houten luik is dicht;
en daar achter is de dag
met zijn parel-gouden licht;

daarachter de boomen, de bergen, de wereld, de wind,
de menschheid: man, vrouw en het fijne kind;

daarachter de zon,
daarachter de maan,
daarachter de zilveren sterren;

ook Vlaanderen, nevel-blauw,
en God.

Het leven is nabij en verre;
het hart des levens weten wij slaan,

de krachten der dingen hooren wij gaan
achter het harde, houten luik.

Toen hebben wij het luik opengedaan.


Karel van den Oever (1879-1926





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

woensdag 15 augustus 2018

Abonneren


Het cv van het Laurens jz. Coster-project.

• Abonnee worden van de dagelijkse Coster-gedichten kan hier. Of stuur een mail naar eon@planet.nl

dinsdag 14 augustus 2018

Wim T. Schippers -- Ik ben Gerrit

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

• Wim T. Schippers
Over Gerrit Dekzeil en 'Ik ben Gerrit'.










Ik Ben Gerrit

Ik ben Gerrit,
en ik steel als de raven.
Ben een boef, in de ogen der braven.
Maar wat moet je nou, als je niks hebt.
In deze wereld waar je steeds wordt genept.

Bij ons thuis was vroeger geen brood op de plank,
moeder kon dat niet betalen.
Mijn vader ging dood, ja dat kwam door de drank.
Ik liep door de straten te dwalen.
De bakker die keek niet, ik pikte een brood
en heb dat mijn moeder gegeven.
Het was wel gestolen maar smaakte ons goed
Zo zijn we in leven gebleven.

Ik ben Gerrit
en ik steel als de raven.
Ben een boef, in de ogen der braven.
Maar wat moet je nou, als je niks hebt.
In deze wereld waar je steeds wordt genept.

Zo groeide ik op ja voor galg en voor rad
het stelen dat kon ik niet laten.
Ik heb in mijn leven al heel wat gejat
en ik zit nooit zonder dukaten.
Ik ben nu beroemd en berucht in het land
een brandkast die kan je me geven.
Begon met een broodje, nu zit ik geramd
en zo blijft het de rest van mijn leven.

Ik ben Gerrit
en ik steel als de raven.
Ben een boef, in de ogen der braven.
Maar wat moet je nou, als je niks hebt.
In deze wereld waar je steeds wordt genept.


Wim T. Schippers (1942)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Willy Chanson -- De dievenwagen

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

theaterencyclopedie
De dievenwagen is geschreven door Willy Chanson, eigenlijk Willem Munnik (1884-1942), de helft van de gebroeders Chanson, vooral populair door hun act als het komisch duo Mie en Ko, een soort voorloper van Snip en Snap. Munnik schreef tientallen liedjes en tussen de lachsalvo's door was er dan plotseling, in 1924, De dievenwagen, waar tot op de dag van vandaag menig traantje bij wordt gelaten. De dievenwagen is mooi gezongen door Willy Alberti, en voor het eerst vertolkt door George Hofmann (links naar YouTube onderaan).
Het Parool



De dievenwagen

Jongens kom kijken, de wagen staat voor
De dieven worden weggereden...
Dan zie je de stumperds, hun handen geboeid
Die soms niet het ergste deden
Soms is het een jongen, lang werkeloos
Die 't deed daar hij niets kon verdienen
Vaak zie je de moeders aan het station
Die stil in een hoekje staan grienen...

Lach nooit, als je die wagen ziet staan
Je kunt hen gerust wel betreuren
Denk maar alleen: wat hij heeft gedaan
Kan morgen mij ook gebeuren!

Wat is het niet wreed als je loopt langs de straat
En overal zie je die weelde
Dan loop je te denken - hoe mooi rijk te zijn
Wat arm zijn wij dan toch, misdeelden
En als soms je kinderen vragen om brood
Je kunt hun ook dat niet eens geven
Dan steel je maar - want 't is voor je kind
Dat heeft toch het recht om te leven

Lach nooit, als je die wagen ziet staan
Je kunt hen gerust wel betreuren
Denk maar alleen: wat hij heeft gedaan
Kan morgen mij ook gebeuren!

't Is altijd geen dief die de wagen ingaat
En dat 's natuurlijk weer het mooie
Het zijn soms die jongens, die geen dienst willen doen
En die ze de nor maar in gooien
Maar hij die vermoordt - en geld heeft, zo'n ploert
Hem wordt steeds die schande vermeden
Hij wordt echter niet met die wagen vervoerd
Maar in z'eigen auto gereden

Lach nooit, als je die wagen ziet staan
Je kunt hen gerust wel betreuren
Denk maar alleen: wat hij heeft gedaan
Kan morgen mij ook gebeuren!


Tekst en muziek: Willy Chanson (1883-1942)
Repertoire: Duo Hofmann, Willy Alberti, the Amazing Stroopwafels.





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Gerda Blees -- Aanwijzing & Drie vrouwen

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

website
wikipedia
ilfu
vpro








Aanwijzingen

Melkwegen, overal melkwegen
en nergens een bord met this way out
mijn ouders zeiden tegen me huil niet embarrassingly loud
als je weer eens door een man of twee - blijf überhaupt
ver uit de buurt van vloeibaarheid
laat je volwassen vormen liever bevriezen
neem de vastgestelde tijden voor de stukken van je leven
slaap als het nacht is en nooit in de open lucht en zorg ervoor
niet meer dan zeven maar wel minstens drie keer op een dag te eten
Denk niet aan alle lichaamsdelen
waar je een potlood in zou kunnen steken en hoe diep
er zijn bepaalde snelwegen en zenuwbanen die je beter niet -
je moet een ingenieur nemen, die weet dingen waar je iets aan hebt
hoe auto-onderdelen en de elementen heten, ga niet zomaar
met je hoofd op tafel liggen, mors geen rode wijn
blijf zitten hou je vast en laat de dwaallichten
de dwaallichten en maak je zinnen af.


*


Drie vrouwen

Drie vrouwen kennen elkaar langer wel dan niet.
De eerste woont in een grijze stad, de tweede
in een groene en de derde in een gele.

Een van de drie leeft voor muziek terwijl de andere twee liever
met een man onder de dekens naar voorbijrijdende auto’s luisteren.
Van die twee is er een de weg kwijt terwijl de eerste en de derde niets
van zich splitsende paden weten. De derde van de drie gedraagt zich soms
een beetje destructief terwijl de eerste twee genoegen nemen met alles
wat al uit zichzelf kapotgaat.

De tweede van de drie praat altijd over dingen die ze heeft gelezen
zoals dat een man die schrijver was het delirium dat hij had terwijl hij
in het ziekenhuis lag had willen vergelijken met het leven van
soldaten in de loopgraven. De andere twee interesseert dat niet
zij zien ook minder kansen om de wereld van de ondergang
te redden met een rieten mand of tafeltennisbatje.

Drie vrouwen schrijven elkaar ieder jaar een verjaardagskaart.
Ze worden altijd even oud totdat de eerste ermee ophoudt,
of de derde of de tweede.


Gerda Blees (1985)
uit: Dwaallichten (2018)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

maandag 13 augustus 2018

Sasja Janssen -- Sonnet voor een Mayonaisevogel

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

website
youtube
poetry



• portret door lonneke stulen





•• In zijn sonnettenproject op Neerlandistiek.nl behandelt Marc van Oostendorp de ontwikkeling van de Nederlandse taal aan de hand van 196 (14x14) sonnetten. De laatste reeks van veertien is op speciaal verzoek door veertien dichteressen geschreven. Veertien maandagen lang kunt u hier steeds een van die sonnetten lezen, inclusief beschouwing. Vandaag het zesde. De eerdere waren van Lieke Marsman, Delphine LecompteMieke van ZonneveldHester Knibbe.en Elly de Waard.



Sonnet voor een Mayonaisevogel
Bij een ingekleurde tekening van een goudhaantje, boek en maker onbekend.

Als ik niet slaap dan sust hij mijn verdriet
die kleine vogel in zijn tafereel.
In passe partout met vel van dun grafiet
en op zijn kop een vieze klodder geel.

Hoe ik me in mijn lege bed ook keer,
steeds zie ik hem gevangen achter glas.
Nooit schiet zijn oog of fladdert er een veer,
verlangt hij net als ik naar groener gras?

Ik weet dat ik geen recht van spreken heb,
alleen het vers als vrije vogel ambieer
waarin ik over vluchten fantaseer.

In veertien regels dwang laat ik hem gaan
maar zachtjes piept hij uit zijn vette klep,
haal eerst die mayonaise van mijn naam.


Sasja Janssen (1968)



Wie heeft de mayonaisevogel zijn naam gegeven? Het is volkomen duidelijk dat het beestje zo moet heten, in ieder geval zoals hij op dit plaatje is afgebeeld: met die ‘vette klep’ en de ‘vieze klodder geel’ op zijn hoofd.

Maar wie gaat googelen op mayonaisevogel vindt eigenlijk alleen een vlogster die vooral berichten de wereld inslingert over de vele manieren waarop en kleuren waarin ze haar haren verft. Misschien voelt ook de vlogster zich gevangen achter het glas van haar vlog, maar zij heeft toch vermoedelijk zelf gekozen voor die naam.

En dat is anders voor het getekende goudhaantje dat Sasja Janssen beschrijft. Die heeft zijn vette naam toch enkel aan haar te danken. Hij ‘sust’ haar weliswaar in haar verdriet, maar vervolgens blijkt hij toch vooral ongelukkig, hij fladdert niet, hij verlangt, wie weet, naar groener gras.

Het is dan ook een vogel die door vele handen is gemaakt: eerst getekend, daarna afgedrukt in een boek, dan door iemand ingekleurd, en vervolgens ingelijst: ooit een vrije vogel maar daarna door allerlei al dan niet kunstzinnige handen steeds verder ingekaderd, tot hij tot slot ook nog eens de ‘veertien regels dwang’ van Janssens sonnet moet ondergaan. Ooit was hij een vrij vogeltje, nu moet hij op allerlei manieren ingekaderd de dichteres tot troost zijn.

En dan wordt hij ook nog bespot. Iemand, degene die hem heeft ingekleurd misschien, heeft de gele streep op zijn hoofd, gemaakt tot een vieze klodder. De dichteres heeft haar macht misbruikt om hem daarna tot ‘mayonaisevogel’ te dopen. Maar hij pikt het niet meer en komt in opstand tegen al die makers die hem gemaakt hebben. En die opstand, die strijd tegen iedereen die hem wil maken, die maakt hem tot slot inderdaad vrij. De dichter laat hem gaan.


• Marc van Oostendorp






• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster