zaterdag 23 juni 2018

J.J.A. Goeverneur -- Blinde verliefdheid

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
wat gedichten
kb










Blinde verliefdheid
Een gesprek

Ik: Och vriend, och laat u raden: zie af nog van die meid.
Hij: Dat is: zie af van t leven? Gij vergt geen kleinigheid.
Ik: Ze heeft een slecht karakter; vraag het aan iedereen!
Hij: Dat zij niet schoon zou wezen, hoorde ik nog van geen een.
Ik: Ze ziet met lachende oogen al, wie maar jong is, aan.
Hij: Dan doet zij als de sterren, die aan den hemel staan.
Ik: En stort ze al somtijds tranen, 't is valschheid en bedrog.
Hij: 'k Zag veel fonteinen springen, maar nimmer schooner nog.
Ik: Wat hare lippen spreken, is al boos overleg.
Hij: Nooit gingen booze woorden dan wel een schooner weg.
Ik: 't Is algemeen het zeggen: licht was ze eens, — en 't schijnt waar.
Hij: Ik draag haar op de handen, dan valt zij mij nooit zwaar.
Ik: Haar fraaie, blanke tandjes, zijn maaksel uit Parijs.
Hij: Staat 'elpenbeen' niet hooger dan 'menschenbeen' in prijs?
Ik: Men wil, ook niet natuurlijk, is op haar wangen 't rood.
Hij: Dan zal zij nooit verbleeken, en bloeit tot aan haar dood.
Ik: Maar, vriend, wil toch bedenken, ze heeft geen cent aan goed.
Hij: Liefde is de hoogste rijkdom; zij maakt ook de armoe zoet.
Ik: En voert zij de pantoffel — wat dan, o trouwe held?
Hij: Wil zij me als slaaf, dan ruim ik nog voor geen koning 't veld.
Ik: Voor eene uit lage klasse hebt ge u zoo diep gebukt?
Hij: Zij kan zoo laag niet wezen, die mij zoo hoog verrukt.
Ik: Neem haar dan voor den drommel! We zullen de uitkomst zien.
Hij: Is uit de preek dus? — Amen! Welnu het zal geschiên.


J.J.A. Goeverneur (1809-1889)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

vrijdag 22 juni 2018

Marcellus Emants -- Lilith

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
literatuurmuseum









• In het lange gedicht Lilith wordt eerste mens Adam verliefd op zijn moeder Lilith, die is verstoten door Jehova. Uiteindelijk keert Lilith terug bij Jehova, nadat zij bedongen heeft dat Adam een vrouw krijgt naar haar evenbeeld. In het onderstaande fragment vindt Adam Lilith slapend in de nacht na de eerste dag.



‘Wie is 't, die Lilith's heilge rust komt storen,
Wiens ruwe hand door 't schermend loover breekt?’

Zij spreekt.... is 't dan geen bloem wier geurige adem
Zijn bloed met zulk een snelheid stroomen doet?
Zij slaat haar oogen op en ziet hem aan....
Het is een mensch, een wezen hem gelijk,
Als hij ontwaakt tot leven, tot genieten!
Een doodlijk bleek verjaagt den diepen blos,
Die nog zoo even op zijn wangen gloeide,
Zijn hart klopt bang, hij voelt den drang ontwaken,
Zijn lippen op haar rozemond te drukken,
Zijn armen om dien blanken hals te strenglen,
En met haar zwarte haren borst aan borst
Zich aan dat heerlijk lichaam vasttesnoeren,
Tot eeuwge liefde en eeuwge zaligheid.
Een onweerstaanbre macht werpt hem ter aarde.
Hij buigt de slanke lelies uit elkander,
Die 't schoone lijf haar blankheid mededeelden,
Zijn hand glijdt over 't melkwit voorhoofd heen,
Zijn mond drinkt reeds den adem van haar lippen,
En 't klinkt weer zacht:
‘Heeft Adam Lilith lief?’
Nu vat hij stout de donkre lokken aan,
Waarin narcis en vuurge rozen gloeien....
Doch plotseling ontsnapt een kreet zijn borst,
Een scherpe doorn drong diep in 't vleesch hem door,
Hij trekt de hand terug.... 't is te laat.
Den bliksemflits gelijk, die blinkt en doodt,
Springt Lilith van haar bloemenbed omhoog.
‘Terug vermeetle’!
spreekt ze, en wijst hem af
Met blik en streng gebaar.
‘Terug die hand!
Ken uw vorstin, die van Jehova zelven,
In 't eeuwig licht de omarming mocht genieten.
Aanschouw haar glans, uit hemelglans gesproten,
En ken uw moeder, die naar de aard verbannen,
Jehova's kind in bitter barenswee
Het sterflijk leven schenken moest.’ -
Geknield
Blijft Adam roerloos aan haar voeten liggen.
Hij waagt het niet den blik omhoog te slaan,
Doch smeekend stamelen zijn lippen:
‘Moeder,
Ik heb u lief!’
‘Gij hebt mij lief, welnu
Rijs op, en wreek den smaad mij aangedaan!
Wreek haar, die eens des hemels koningin,
Thans is gehoond, bedrogen, diep vernederd! -
Op wolkendons lag aan Jehova's zijde
In de armen van den slaap zijn Lilith neer.
Haar donker oog hield zonnegloed geloken,
Waaruit zijn wil haar 't godlijk aanzijn schonk,
En op haar schoonheid, dierbaar aan zijn hart,
Bleef liefdevol des vaders blik gevestigd.
Geen bange droom lag loodzwaar op dien sluimer,
Geen bittre nijd, geen smart, geen staag begeeren
Doorknaagden 't hart van schuld nog onbewust.
Des vredes kus rustte op haar maagdlijk voorhoofd,
Des hemels heilig zwijgen in haar oor.
Toen heerschte er liefde in 't koninkrijk der heemlen,
En had geen schelle kreet van fellen haat,
De zoete rust der eeuwigheid verbroken. -
Wee, driewerf wee, dat Lilith moest ontwaken!
Hij, dien gij vader, koning noemt, bezweek
Voor 't vuur der1) lust, dat in zijn borst ontvlamde.
Zijn hoofd zonk neer, zijn lippen drukten zacht
Een kus mij op den mond.... ik was ontwaakt. -
Toen zag voor 't eerst mijn oog des hemels pracht,
En 't werd verblind door zooveel glans en schoonheid.
Toen trof voor 't eerst mijn oor der englen lied,
En 't werd verdoofd door zulk een juichgeschal.
Doch op zijn troon hief God mij naast zich op.
Een gouden zonnestraal als diadeem
Sloeg hij met eigen hand mij om de slapen,
De morgenster hield op mijn voorhoofd stil.
Ootmoedig bogen de englen voor mij neder,
En Lilith heerschte als hemelskoningin. -
O! korte waan, waar zijt ge heengevloden?
Wee, koningin, hoe spoedig taande uw glans!
Jehova's kus lag brandend op mijn lippen,
Mijn borst doorgolfde een wilde vlammenzee,
Een drang naar ongekende zaligheid
Verteerde de gedachten in mijn brein.
Het klare licht verduisterde in mijn oogen.
Met diepen nacht werd Lilith's ziel omgeven,
En in Jehova's armen zonk zij neer,
Bezinningloos, maar 't hart van liefde dronken. -
Wee, korte lust, u moest ik vreeslijk boeten!
O! koning, die mij wekte met uw kus,
Die aan uw zij tot koningin mij kroonde,
Wat heb ik u, wat aan uw rijk misdreven,
Dat zulk een straf en zulk een hoon verdient?
“Voort!” klonk uw stem vol afschuw en verachting,
“Geen plaats is in des hemels ruime zalen
Voor Lilith en de vruchten van haar schoot!
Zij derve in eeuwigheid der eeuwgen vrede,
En boete in eenzaamheid haar wilde drift!
Wat uit haar spruit, het zij met haar veroordeeld,
Verbannen uit het rijk van liefde en rust”! -
Geen oog had ooit voorheen uw toorn aanschouwd.
Het englenheir zweeg vol ontzetting stil,
Een siddring liep door de eindelooze ruimte. -
Toen scheurde 't glanzig wolktapijt vaneen,
En in des afgronds onafzienbren nacht
Viel Lilith neer. - Daar baarde ik u, mijn zoon,
Daar schonk ik al wat is het korte leven,
En van den glans, die eens mijn hoofd omgaf,
Bleef slechts een vonk hoog aan den hemel stralen,
Die van mijn val en van uw vorstlijke afkomst
Tot onuitwischbaar teeken moge zijn.
Rijs op dus, kind naar 't godlijk beeld geschapen,
Doch met uw moeder van Gods zij verjaagd!
Weerstreef de hand, die Lilith deed ontwaken,
Die uit den slaap het lijden heeft gewekt!
Verwoest deze aarde, doof den zonnegloed,
Verdelg den hof tot kerker u gewezen!
Hij zij gevloekt, wiens zwakke lust u schiep
Tot kort geluk den wissen dood voor oogen!
Gevloekt zijn macht, zijn glans, zijn englenscharen!
Gevloekt de levensvonk, die in uw borst
Slechts om zich zelf te dooven moest ontgloeien!
Omhoog den blik gericht, daar is uw plaats! -
Waar uit den bloemkelk stargeflonker spruit
Verrijst uw troon van gouden zonnestralen.
Daar blinkt uw kroon op 't hoofd des ongerechten,
Daar rust uw schepter in zijn wreede hand,
En 't lied, dat ruischt door de ongemeten zalen,
Sluit daar het oog tot eeuwig zoeten slaap.
Op! zoon des lichts, verbreek uw slaven-boeien!
Werp van zijn hoogen zetel den tiran,
Geef aan mijn ziel des hemels vrede weder,
En heersch in eeuwigheid aan Lilith's zij!’


Marcellus Emants (1848-1923)
uit: Lilith (1879)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

woensdag 20 juni 2018

Tippy Verbrugh -- Elfjes & Grafbloem

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

google
delpher











Elfjes

Weet je wel wat elfjes zijn?
Elfjes zijn gedachten.
Zij ontwaken wonderrein,
In de stille nachten.

Weet je wel hoe ze ontstaan,
En wanneer zij komen?
Bij het held're licht der maan
En in wond're droomen.

Waar zij wonen? In de ziel,
En in zachte oogen.
Schier onzichtbaar, te subtiel
Zijn zij snel vervlogen.

Je gelooft mij niet misschien?
Want je lacht verholen.
Heb je ze dan nooit gezien,
Achter smart verscholen?


*


Grafbloem

Er is een bloem, die is mij 't liefste,
Zij is niet schoon, zij geurt niet zacht,
De teere blaadjes hangen neder,
En zien niet dat het zonlicht lacht.

Daar bloeien bloemen vol van kleuren,
Daar prijken rozen rein en blank,
Daar geurt het blauwe boschviooltje,
En wiegt de lelie, wonderrank.

Maar toch, het kleine doode bloempje,
Dat houd ik vast aan 't hart gedrukt.
Dit is mij 't liefst — Ik heb het eenmaal
Zacht van een grafkrans afgeplukt.


Tippy Verbrugh (?-?)
uit: Wilde bloemen (1932)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

dinsdag 19 juni 2018

Abonneren

Abonnee worden van de dagelijkse Coster-gedichten kan hier. Of stuur een mail naar eon@planet.nl

Geert van Istendael -- Weidepaal & Veebel

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
schrijversgewijs
leestafel









Weidepaal

Blank hout kan. Schors mag. Gepunt, altijd.
Hij zal de grond in. Eerst het voorgat boren.
Water over plenzen. Slijk, dat glijdt.
En laat nu voorhamers maar vrolijk bonken.
Alleen van arbeid komt standvastigheid.

Draad bakent later af. Nog rijzen twijfels.
Spijkert zijn spits de juiste grenslijn vast?
Voelt mijn en dijn zich hier niet aangetast?


*


Veebel

Schor. Aardewerk dat breekt, verbruikt, versleten.
Veel scherven na en door elkaar, een spraak
door vee gestuurd al doende. Stappen, eten.
Heuvel en berg weerkaatsen tegenspraak,
de galm, de tik behoeden voor vergeten.

Geen geit of koebeest mag verloren gaan,
door waterval of boomkruin overstemd.
Kras op het ruisen. Luister. Melk die stremt.


Geert van Istendael (1947)
uit: Negenentwintig dingen en één afscheidszang (2018)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Paul Snoek -- Een reus & Leven op de aarde

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
muurgedicht
leestafel
npe








Een reus

Een reus kent zichzelf.
Hij zoekt een meisje zoet als een konijn
om weg te goochelen in en uit
de grote hoed van zijn hart.

Maar een reus is te hoog voor een meisje
en zij te blauw van onderdanigheid.

Het ras der reuzen sterft uit. Spijtig,
want hij kan zijn ogen openrekken
als spek en zijn spieren als slangen
doen spelen tot vervelens toe.

Een reus is op ijskreem verlekkerd
en op honing van dikke hommels,
die de longen van de rots doen brommen
als dwergen in een waterdichte kerker.

Een reus weet wat hij wil.


*


Leven op de aarde

Zand in de armen van alle andere zand
gedragen door het wachtend liggen der
woestijnen. Sombere stilte van planten
bijna altijd drijvend. Het levensgeheim
van de nevel en het steeds zegenend water
voedzaam uit de borsten van de hele regen.

De huid van de meren. De vervellende zee
en ijzer geplooid naar de wil van de bergen.
De duivelse rust van de loutere wouden,
diep dromend aan de bronnen van hun schaduw.
De orde tenslotte van alles, dat leeft in
de weelde van zonder woorden te spreken.

En dan de mens, die moe begon te eten van
de lucht, vuur uitvond en steen tot steen
bewerkte, de zee betrad maar zonder vleugels
niet naakt kon zijn en goden opriep willoos
om nog eenzamer, gedwee de wonde te ontdekken
dat de dood, de oudste zonde is van de aarde.


Paul Snoek (1933–1981)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

zondag 17 juni 2018

Leo Hermens -- Over het gewaagde & Over het persoonlijke

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

website
athenaeum
atlascontact










Over het gewaagde

Is liefde niet een heel dorp
dat gebarentaal leert voor één dove dorpeling
en zijn wij niet alle mensen die daar wonen?

Vind je niet dat ik zeggen evenveel reden is
de hand als vingerwijzing op het eigen borstbeen te leggen
als hem te richten op een ander

en dat om een ander thuis te brengen je zal moeten
vlooien snuffelen wroeten en luisteren aan de borst
wie daar bonst en buiten wil?

Ja ja ja en nog eens.


*


Over het persoonlijke

Met Marianne in de rij bedankte ik de buurman
voor een oogopener over eigenheid toen hij zei
ik herkende je niet met een ongebruikelijke vrouw.
Op de supermarktradio rapte een man. Rapte wat je niet
doodt maakt je sterker en rijmde het met harde werker
en ik wist ruis verschilt niet van signaal.
Mensen zijn dezelfde warmte omgezet in ander werk.

De een bedaart door driemaal daags
herhalen van aanslagen op toetsen zodat het lijkt
of het druppelt dan stort en dan stilt.
De ander gromfluit boventonen en bezweert in een roes
van gistende paardenmelk boze geesten.
Weer een leegt het volle karretje en vult het lege.
Ik was de miljoenste en kreeg bloemen.


Leo Hermens (1961)
uit: De zoete versie (2018)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Hugo Claus -- Dodenbeeld in West-Vlaanderen

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

clauscentrum
wikipedia
dbnl
kb
dossier De Standaard
literaire canon






Dodenbeeld in West-Vlaanderen

Het geraas van het nabije vee.
De boer die in de schaduw zit van het bleke beeld.
De bomen die buigen voor de wind van de zee.

Zijn ouders hebben het lapje grond gekocht
waar hij tot het kraakbeen in de modder stak.
Hij was een begaafd student.
'Iets in de wiskunde,' zegt de boer.

Het beeld werd gemaakt naar een schoolfoto.
'Twee jaar later gingen zijn ouders ook dood,' zegt de boer.
'Het wordt fris. Ik ga de geiten melken.'

Ergens nog een kraakbeen.
Weggevreten door het zuur van de polderaarde,
een zoon zonder kinderen,
schuldig starend, als naar zijn meetkundeboek,
naar zijn graf in het gras.


Hugo Claus (1929-2008)
uit: Van horen zeggen (1970)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

zaterdag 16 juni 2018

Hugo Claus -- Een vader

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

clauscentrum
wikipedia
dbnl
kb
dossier De Standaard
literaire canon






Een vader

Dansend of geslagen,
Gevangen in de menselijke warmte gaan wij trager reeds
In de struiken van onwil, in de besmette weiden
En volgen de verminkten op de voet. Zij fluisteren.
Hun lippen drogen in de zon, de late zon.
De valavond horen wij, de dagelijkse reutel
Der gehangenen horen wij,
De gevilde welp horen wij,
De brandende jood in het braambos, en de manke non,
De godvruchtige zuster van de rechter en de wulpse,
De heidenen in het park, de ravenschieters en de ridders
Horen wij.
Een snavel eet uit onze mond.
Een keerkring sluit ons bloed.
En onder de linde, in de schaduw en bedauwd,
Ligt de vader, niet te tornen, en
Bekijkt dagen, dagen lang zijn murwe kinderen.


Hugo Claus (1929-2008)
Uit: Oostakkerse gedichten (1955)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

donderdag 14 juni 2018

Annie M.G. Schmidt -- Zondag & Vaders

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
kb
website
youtube
trouw





Zondag

Geen plaats ter wereld is zo godverlaten
en zo fatsoenlijk als het Scheldeplein,
bij avond als het regent en de straten
langer en glimmender en leger zijn.

Dit is een stad met veel te weinig moorden.
Het regent gluiperig in het plantsoen.
De tramrails wijzen koppig naar het noorden
en dat is dan ook alles wat zij doen.

Die man zou het waarschijnlijk niet begrijpen,
die man daar op de hoek, wat ik bedoel,
wanneer ik plotseling zijn hand zou grijpen
en zeggen zou, hoe eenzaam ik me voel.

Ik ga naar huis. Daar wachten me twee ramen,
een beddensprei (gehaakt), en aan de muur
een plaatje van een veel te mooie dame.
En dan de wekker nog. Op zeven uur.


*


Vaders

De vader zegt: wat ga je doen?
De dochter zegt: 'k ga rijen,
De vader zegt: met wie, met Koen?
Gaan jullie met z'n beien?
De dochter zegt: jawel, allicht,
En dan houdt Paps z'n wafel dicht.
Daar gaat ze dan, ze zegt: so long,
En paps bijt liever op zijn tong
Dan nog te vragen hoe of waar.
Het lieve kind is zestien jaar,
Ze heeft gezegd wat ze gaat doen.
Ze gaat op 't scootertje met Koen,
Maar vader denkt: wat gaan ze dóén?

De vader zegt: waar ga je heen?
De dochter zegt: kamperen.
De vader zegt: met Koen alleen?
En in die malle kleren?
De dochter zegt: met Jan. Salu!
Ze gaat. En daar zit vader nu.
Ze heeft gezegd wat ze gaan doen,
Ze gaat kamperen, niet met Koen.
Ze gaat kamperen met haar Jan.
En vader denkt: wat dóén ze dan?

Zo zitten al die duizend pa's
Zich zwijgend op te vreten.
Helaas helaas, helaas helaas,
Zij zullen het niet weten.
Wat doet mijn dochter op de plas?
Jawel, ik weet, ze zeilt met Bas.
Wat doet mijn dochter nu vandaag -
Ze danst met Leo in Den Haag.
Zij zwemt met Dick, ze roeit met Piet,
Maar wat ze dóén, dat weet Paps niet.


Annie M.G.Schmidt (1911-1995)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

woensdag 13 juni 2018

Lizzy Sara May - twee gedichten

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
librariana
wat gedichten
graf






Bol cirkel en geslacht

herinnering van herinnering van
herinnering van herinnering is
betovergrootmoeder is overgrootmoeder
is grootmoeder is moeder is ik
is kind is landschap is stad
is kamer is bed is bed is kamer
is stad is landschap is kind
is ik is vader is grootvader is
overgrootvader is betovergrootvader
is herinnering van herinnering
van herinnering van herinnering


*


Twee foto’s uit het hoofd geciteerd

1.

Rechtop staat zij met naast haar
zittend op een stoel haar broertje
onder haar rokje dalen pijpjes van
een linnen broek met kant
tijd 1870
mijn moeder's moeder
tien jaar oud

Zij huwde een nietsnut
kreeg zeven kinderen
stierf in 1925 aan anemie en
de inflatie

Ik ben haar dubbel kwijt:
in 1943 roeide Puls haar foto uit


2.

Het strand van Helgoland
streepjesmannen grijzend
vrouwen tot de kuiten dichtgebonden
enkels in de golven

Daartussen mijn moeder, veertien,
in haar eerste badpak
lachend, verlegen, opgevouwen, ingekapseld

Zij werd vermoord in 1944
het badpak plus ontvreemd verleden
heb ik bewaard
de foto van haar schuchterheid
ligt opgeslagen in mijn hersenkast


Lizzy Sara May (1918-1988)
uit: Het depressionisme (1988)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Floor Buschenhenke -- twee gebeden

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

website
atlas
ipoetry
woordheks
voorproefje (pdf)






Born-again gebed

Laat mij maar in de soep lopen
zoals een rups zijn cocon in draait.

Je kunt hier van dak tot dak een stadswandeling maken.
Je kunt hier door die uitgeklede flats de bomen zien.

Ik wil ook een nieuwe jas krijgen, lieve sint.
Een jas met zeer intelligent ontwerp.
Pas mijn bestemmingsplan maar aan,
geef mij ook maar een horecafunctie,
laat mij een vermoeide reiziger opvangen,

maar dan op een manier die weinig energie kost
bijvoorbeeld reflecterend en zelfreinigend.

Lieve sint, pak me uit en in en uit,
maak me groen als stadsverwarming.
Geef me de spanwijdte
van een nestwaardige dakbedekker.


*


Vies, kapot en lelijk gebed

Zie mijn dijen, kuilig als een crossbaan,
harig en onrein, dan die aderen, die rollen
als vette wormen langs mijn kuiten.
Het is dat ik al bloedstolsels verlies
anders had ik mezelf moeten geselen.
Aanschouw die opgezwollen pens,
het is toch godgeklaagd?
Vanaf nu zal ik nog minder eten.

Kijk, buiten is het niet veel beter.
Het asfalt is gebarsten.
Ze doen voor deze wijk geen moeite meer.
De fietswrakken in de stalling
heb ik namen gegeven:
die grijze is Manke Nelis
die halve skelter is Bep -
vies, kapot en lelijk, allemaal.

Dit is een beschaafd land.
Er is vast een logische verklaring voor mijn blik.
Op zoek naar een beter perspectief stuit ik op
de roodgloeiende bolling van het schedeldak.
Waar ik ook kijk, mijn uitzicht is vervuild.


Floor Buschenhenke (1978)
uit: Parachute (2018)




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

maandag 11 juni 2018

Astrid Lampe -- twee gedichten

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

website
wikipedia
dbnl
poetry
youtube
avondlog






in de shoppingbubbel
leer ik het gepersonaliseerde aanbod
diagonaal lezen
de fysieke winkelstraat
moet zich behelpen
met stille airco's en luchtgordijnen die
optimaal communiceren
met het buitenklimaat
voor het gedicht is een Siberisch koude entree
juist een pre
deze tropische hitte
past niet in het pashok
waar niets wil passen
en je je slipje aan moet houden
buiten een muskietennet
om trackers af te vangen
zoek ik jou
diagonaal lees ik de verzameling kunstboeken
duizendpoten
kunnen hun bovenlijf oprichten en daar woest mee zwaaien
ik
kan met vijftien ondernemers naar Lapland
op netwerkmissie
nu het gevoelige dossier openvalt
in het licht van de daglichtzaal


*


de levensverhalen van geknakte bloemen
zijn in de bonus
de antecedenten van suïcidepoëten
liggen op straat
hoeveel roem
hoeveel bij elkaar verzonnen levens
wil je sterven
wij lezen met veel ruis
toondoof in de echokamer van de romantiek
besteed ik het roeptoeteren uit
de Afrikaanse olifant
zal met zijn lange snuit
het sprookje niet uitblazen
maar tamelijk stoïcijns
een bad nemen
zich om en om wentelen in de warme modderstroom van
dit reservaat
rood zand kleurt de immense vlakte
verschoond van indianenverhalen
de papierdunne oren gewassen
wappert de dikhuid je droog
tot je van top tot teen bloost
ontmaagd door regenboogreligie


Astrid Lampe (1955)
uit: Zusterstad 2.0 (2018)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

zondag 10 juni 2018

Freek van Leeuwen -- Explosie

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

bwsa
dbnl
'Ruitentikkers' (gedicht)








Explosie

Hallo! Hallo! Hallo!
Dit boek is niet geschreven voor hem of voor haar:
Dit boek is geschreven voor het proletariaat.
Schreef ik het? Schreef jij het? Schreef hij het?
Neen! WIJ hebben het geschreven:
Ik, jij, hij, wij, zij: Allemaal!
Naar de duivel met alle dichters
Corrupte inktkoelies
Minstreels van de gezeten rentenier
En de sentimentele burgerjuffrouw.

Wij zullen zelf ons woord wel doen.
Wij zullen samenstromen
Op markten en pleinen
En ons woord zal schallen
Door loud-speakers.

Wij zullen de studio's bezetten
En ons woord door de aether slingeren
En het zal gehoord worden
Over heel de wereld.

Hoewel de minister de Varastudio heeft bezocht
En gezien heeft dat het goed was,
Weten we nog altijd niet
Wanneer we nou eindelik
Méér zendtijd krijgen.

Dondert niet:
Wij némen tijd:
ALLE TIJD AAN ONS!

Maar om nou terug te komen
Op dat boek dat we geschreven hebben....
Hèbben we het geschreven?
Neen! maar we zullen het schrijven
Ik, jij, hij, wij, zij:

WERELDPROLETARIAAT!!

We zullen het dichten onder onze arbeid
Dan zullen de woorden zijn als hamerslagen.
De beelden zullen voorbijflitsen
Als suizende liften.
Het ritme zal zijn: het ritme der machines
De strofen kort, als het geratel van type-writers.
We zullen het opbouwen uit beton en staal
Dan zal het sterk en schoon en onverwrikbaar zijn.

En als we het geschreven zullen hebben
Zullen onze eigen handen het drukken
Op ònze persen.
Zelf zullen wij het uitgeven.

VIVE LA COMMUNE!
JETZT GEHTS LOS!!


Freek van Leeuwen (1905-1968)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Hendrik de Vries -- Zie mij niet aan

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
groninger museum
rawie leest de vries








Zie mij niet aan

Zie mij niet aan, doe mij geen vragen,
Toon mij voor troost geen medelij:
't Ongeluk, dat mij altijd heeft geslagen,
Gaat met het eind van 't leven voorbij.

Steeds bleef ik eenzaam, nooit kende ik mijn vader,
Ik had een moeder die vroeg mij ontviel.
Ik had een vriend, hij werd mijn verrader;
Liefde vermoordde de rust van mijn ziel.

Wat zal nog hopen, wat zal nog vreezen,
Hier of hierna, wie 't geloof heeft verloren?
Enkel het graf kan zijn jammer genezen,
Enkel het graf kan zijn snikken smoren.


Hendrik de Vries (1896-1989)
uit: Spaansche Volksliederen (1931)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

vrijdag 8 juni 2018

Urbain Van de Voorde -- Toen na veel zwervens...

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

schrijversgewijs
dbnl
wikipedia









Toen na veel zwervens...

Toen, na veel zwervens op een donkre baan,
raapte ik, wat nog aan kracht me bleef, te gader:
‘Hij woont toch hier, Hij, die zich noemt mijn Vader?’
- en 'k ben den klopper op zijn poort gaan slaan.

En luistrend bleef ik lang te wachten staan,
en luider sloeg ik, immer kwaad en kwader;
soms hoorde ik iets als kwamen stappen nader,
maar 't was bedrog, en 'k wou maar weer vandaan.

Vandaan? Waarheen? Weer in den nacht gaan zwerven
en altijd honger lijden, liefde derven
en dood-gaan zonder éen me de oogen sluit?

Neen, liever rusten aan zijn deur, gelaten,
en treedt Hij eerstdaags toch zijn tempel uit,
dien Hij eerst vindt, zal Hij eerst binnen laten.


Urbain Van de Voorde (1893-1966)
uit: Per Umbram Vitae (1929)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

G.J. Resink -- Djangir & Uit zee

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

dbnl
wikipedia
schrijversgewijs
de gids


• G.J. Resink schreef poëzie die "Indonesische inhoud met een westerse uitdrukkingsvorm verbindt, in een westerse taal".




Djangir

Zij dansen. Duizend dromen in één nacht.
De dromen van een licht bewogen leven:
Hoe men lief kan hebben; hoe men best zacht
Mag zijn, maar niet half-zacht; hoe men zich geven

Moet, maar nooit helemaal; hoe men wel beven
Kan van ontroering, doch, op vorm bedacht,
De hartstocht door een gouden huid moet zeven
Tot zweetglans, oogopslag en pradadracht.

Nu zullen dit voor mij wel dromen blijven.
Maar hier neemt één idee in vele lijven
Gestalten aan en winnen alle zinnen
Het van de zuiverste gedachtengangen:
Hier laat, in duizend dansposen gevangen,
De schoonheid zich bloot lijfelijk beminnen.


G.J. Resink (1911-1997)
De ‘djangir’ is een moderne Balische dans, waarbij de dansers en danseressen in een carré zitten en de solodanser in het midden, voortdurend met gebaren en mimiek begeleiden. De kleding van de dansers en in het bijzonder die van de danseressen, bestaat uit lappen die met bladgoud zijn opgelegd, het zogenaamde prada, en die om het lichaam worden gewonden. Het schouderstuk en het hoofdtooisel zijn meestal van leer of perkament, eveneens rijk met goud bewerkt, zoals de hele kleding rijk en kostbaar is. De dans zelf is zeer zinnelijk en hartstochtelijk, maar in strenge vormen gevat.
Uit zee
De snelle, scherpe krabben van de tenen;
het sterk koraal van wreven en van schenen,
waarlangs de zee terugvalt in de âeren
- in eens de kust;
de vier dolfijnen in de drift der dijen;
de sidderroggen, die zich glad vermeien
in lendenen, die hun geheim bewaren
- dan weer de kust;
de gouden schildpad der gewelfde buik;
de transparante kwallen in de fuik
der borsten; hier en daar het wier der haren;
- opnieuw de kust;
de anemonen, strelend uit de handen;
de fosfordieren, die uit ogen branden;
de teed're mosselen van schaam en mond
- steeds weer de kust;
de haaien, die mij ruiken aan mijn wond;
en die haar neklijn en haar tanden hebben,
maar die verdwijnen nu de zee gaat ebben,
ver uit de kust.
- dit is het tij, waaruit ik weg ga waden,
de atlasvlinders in haar schouderbladen
achterna naar een breed, verlaten strand
aan deze kust,
waar we in de schelpen van elkanders oren
nog slechts het ruisen van de hartstocht horen
en sterren zien in de gelaten stand
van te zijn uitgerust.

De hele poëzie van Resink, van de eerste gedichten af, is bovendien doortrokken van een stroom van erotiek, die zich verschuilt in de symbolen van de natuur: in een onderzeese trek, in de deining van de zee, in een druipsteengrot of in het wier, maar die vooral in enkele latere verzen meer openlijk ‘beleden’ wordt, zoals in het kwatrijn 'Heldere nacht' en in het prachtige, langere gedicht 'Uit zee'. Nergens, bij geen enkele andere dichter vindt men de verbondenheid en vereenzelviging met de altijd zo gemakkelijk geprezen Indonesische natuur, zó sterk uitgedrukt als bij Resink.

- Rob Nieuwenhuys




• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

donderdag 7 juni 2018

Wanda Koopman -- drie gedichten

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

volkskrant
interview
dbnl
wikipedia
cubra

• portret: Edgar Fernhout
• Wanda Koopman was een synoniem van Sonja Prins.





Alle witte wegen

alle witte wegen gods
alle witte wegen
zijn makaber
als het kraakbeen
in mijn hoofd

als de witte beenderen
in mijn hoofd
alle witte wegen maken witte wandeling
in het kraakbeen
van mijn hoofd


*


Desperate wereld

Waanzin van
dansende derwish — gestreept
groen en rood — bont
kleed van Jozef

wereld, houd moed
je bent niet alleen, als de zon
wegdrinkt
de lucht om je schouders

kijk: niet meer alleen -
op de grond plekt lichtblauw
lichtblauw
je tollende schaduw


*


Zooals de dotterbloem

Hart in het bosch van de nacht
Is bij een vijver gebracht
Zag in de donkere poel
Schijnsel van gouden bloem

                Schijnsel van gouden bloem
                Dof als een dotterbloem
                Schaduw die schaduw neemt
                Jij die in leven bleef

                Jij die in leven bleef
                Schoonheid bedrieglijk geeft
                Bloem die met slijk zich voedt
                Zooals de dotterbloem

Zooals de dotterbloem
Boven bruin water hing
Kroonde een dansend licht
Geilheid die in mij ligt

                Kroonde een dansend licht
                Vruchtvleesch van rottend geel
                Jij die in leven bleef
                Geilheid die in mij ligt


Wanda Koopman (1912-2009)
uit: Proeve in strategie (1933)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

woensdag 6 juni 2018

I.K. Bonset -- 9 x B & Chronique scandaleuse des Pays-Plats

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

• wikipedia
dbnl
cambiumned (met filmpje)
muurgedicht








9 × B

1       De bomen zijn de benen van het landschap.       B.
2       De mens is goed, wanneer hij er geen belang bij heeft slecht te zijn.
         Hij is slecht wanneer het niet in zijn belang is goed te zijn.       B.
3       De antimakassar is de graadmeter onzer cultuur,
         het sentimentalisme, de speen.       B.
4       Ziet ge?       B.
5       Ten einde raad bracht ik het paradijs naar de lommerd. Ik ontving
         daarvoor juist genoeg om mij een brood, een kaars en een fles
         inkt te kopen.       B.
6       Bij elke gulp behoort een pantalon.       B.
7       Ernst is gevaarlijker dan syfilis.       B.
8       De mens heeft hersenen ten einde niet te denken.       B.
9       Schoonheid is de parodie der werkelijkheid.       B.



*


Chronique scandaleuse des Pays-Plats

Bremmer: le tjòk-tjòk-tjòk de la peinture.
Berlagé: arabesque romantique - maison avec closet hégelien sentimentalisme infantile.
van Deyssel: Bas-bleu lardé de la litérature catholique.
Bolland: Diarrhée de monsieur Hégel.
van Eeden: Clown. Poire pourrie de 1880. Traître de la barbe de Jésus Christ.
Havelaar: Chemise malpropre de Tolstoï.
de Meester: Domestique de la litérature de laine. A.K.O.
Roland Holst: Dilettante en edition de luxe. (Je hais la peinture sans sexe!)
Madame Roland Holst: Le gosier hystérique de l'idiotisme socialiste.
Plaschaert: qu'est ce que c'est ça?
Querido: !_, _?_: _ ‘ ’_( )_•
Willem Kloos: Le pot de chambre de Pétrarque.
Bonset: on
Théo van Doesburg: Tempérament salpêtreux.
Rensburg: Pick-wick-mennike de la lune.
Prêtre de l'éneuchisme sans fil.
Rooyaard: Singe innocent devant le miroir de Talma.

cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
cottage stile
☛ Galérie des hommes célèbres ➵
☛ TOUS CES GENS SONT DES IMBÉCILES sentimentales


I.K. Bonset (1883-1931)
uit: Het andere gezicht van I.K. Bonset (1983)


Originele opmaak:


• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

maandag 4 juni 2018

Petra Kottman - Bot & Lopende band

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

neerlandistiek
dbnl
terras








Bot

Ik heb het koud. Jij doet er alles aan
om mij weer warm te maken. Je masseert
mijn voeten. Veel te zacht, want je bezeert
toch niet mijn harde bot, van vlees ontdaan:

beenderen voelen niet. Ik zie het aan,
je goedbedoelend strelen. Is 't verkeerd
als ik vertel: ik heb allang geleerd
dat niemand helpt, dat kou scherp blijft bestaan?

Ik zeg het niet. Je kunt het zelf ontdekken.
Misschien is er dan iemand zoals jij,
die liefdevol probeert je los te trekken

uit dit - dit ijs, uit dat wat ik niet zei.
Je zegt het zelf: ‘De wereld is vol gekken.’
Wat maakt jouw pijn dan uit? Of die van mij?


*


Lopende band

Ze zegt: ‘Ik laat mijn haar knippen vanavond.’
(Ze is na zessen vrij.) In de cadans
van mijn verslaafde handen, in de dans
van bitterkoek en band, knik ik beamend.

Ik vraag: ‘Door iemand die je kent?’ Ze ademt
ja aan mijn oor en pakt gelijk haar kans:
‘Mijn zus heeft een vriendin die kappen kan.’
Ze pakt zes koekjes in en lacht, verradend,

‘Mijn zusje is niet goed.’ (Ik denk: je zusje?
Je vage ogen die op staren staan!)
‘Van de verkeerde kant. Dus lesbisch. Dus je

houdt meer van vrouwen dan.’ Ik kijk haar aan.
En voor mijn ogen wordt haar mond een kusje,
terwijl de koekjes spoorloos verder gaan.


Petra Kottman (1956)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

zondag 3 juni 2018

Willem ten Berge -- Die 'k aan de Ebro achterliet & Liftboy

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

wikipedia
dbnl
npe








Die 'k aan de Ebro achterliet

'k Hervind U daaglijks, doch 'k herken U niet,
die 'k aan de helle stroom van d'Ebro achterliet,
hoe reisde uit U, waar reisde 't heldre kind,
dat 'k binnen 't bloeien van éen volle maan,
éen zonnige mei-maan, heb bemind?
Gij zijt dezelfde, doch Gij zijt het niet,
die 'k aan de helle stroom van d'Ebro achterliet,
wel zijn 't Uw malsche leden, zwaluwslank,
Uw heupen, mild, en wiegend als het graan,
doch wie ontroofde Uw oog de zoete lach,
die zoet was als het bloeien van de maan?
Ik zoek U schreiend, en ik vind U niet,
die 'k aan de helle stroom van d'Ebro achterliet,
'k herken het huppelen van Uw borstenpaar,
en 't slanke wuiven van Uw geurend haar,
dat, speelsch, Uw bleeke wangen streelt....
Gij zijt dezelfde, maar ach Gij zijt het niet,
die 'k aan de helle stroom van d'Ebro achterliet.


*


Liftboy

De deur viel schokkend uit de wand:

en op de drempel van zijn sombre kooi
stond de liftboy
klein
en kinderlijk mooi -

zwijgend kwam ik bij hem staan,
de motor zette zwoegend aan -

Wij stegen alleen,
wij stegen hoog
met ons beide,
o, 'k wist het kind
als een engel aan mijn zijde.

Dit stijgende, dalende
eenzame kind,
ik heb het plotseling heel hevig bemind -
mijn hart brak
om zijn lichtloos oog,
gebluscht aan de triestige wand,
en ik heb gevloekt over mijn liefdeloos land.


Willem ten Berge (1903-1969)





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Nora Gomringer -- De H. Apollonia indachtig / Vandaag was ik bij de tandarts

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

poetry
wikipedia
website
youtube








• De Duitse Nora Gomringer is een van de dichters op Poetry 2018.

De H. Apollonia indachtig / Vandaag was ik bij de tandarts

Wagenwijd open lag ik daar,
een grote wond mijn mond.
Blijk van feest en overvloed.
Mijn oogleden stijf van borende pijn,
mijn handen knepen elkaar als gekken,
zochten houvast
tegen beter weten in.
Vaardig, zwijgzaam, maakte de reus
van amalgaam in zijn tempel
– nog net op de sabbat –
een nietige knop en begroef hem in een gat.
Sinds wanneer heb ik dit gat, o Heer? Wat betekent het
om een gat met je mee te dragen? Een nietsplaats, een paradijs
verinnerlijkt. Bijna riep ik uit: dit gat, lijkt mij,
dat ben ik. Neem het toch niet weg uit deze wereld!

Ik was allang gefloreerd, gefluorideerd,
gesloten: een meisje
voor haar tijd.


*


Eingedenk der Hl. Apollonia / Heute war ich beim Zahnarzt

Und ich war sperrangelweit,
eine große Wunde mein Mund.
Zeugnis der Feste und Fülle.
Die Lider starr vom bohrenden Schmerz,
die Hände hielten sich wie Idioten, doch
ahnend, dass ihnen das Halten
gar nichts bringt.
Aus Amalgam tormte kunstfertig,
auskunftsfrei der Riese in seinem Tempel
– fast noch am Sabbat –
eine winzige Blüte und grub sie in ein Loch.
Seit wann habe ich dieses Loch, oh Herr? Was bedeutet es,
ein Loch mit sich herumzuführen? Einen Nichtort, ein Paradies
verinnerlicht. Fast wollt ich rufen: Dieses Loch, so scheint mir’s,
das bin ich. Nehmen Sie es nicht aus dieser Welt!

Da war ich längst floriert, fluoridiert,
verschlossen: ein Mädchen
vor seiner Zeit.


Nora Gomringer (1980)
vertaling: Elbert Besaris





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

zaterdag 2 juni 2018

Christian Bök -- Arken en dierentuinen

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

poetry
wikipedia
ubuweb
youtube








• De Canadees Christian Bök is een van de dichters op Poetry 2018.

Arken en dierentuinen herbergen nu wat nog rest van onze refreinen. Welke poëzie kunnen we ons voorstellen als poëzie zelf uitgestorven is? Moeten we haar zoeken in het roet van onze verbrande boeken? Moeten we haar ontcijferen uit de vertrapte koolzaadweiden bij Barbury Castle? Moeten we haar achterhalen door pi te berekenen tot een googel van binaire cijfers? Moeten we haar requiem destilleren uit de jambische pulsen van de Cepheïden? We hebben het gezwabber en gejank van haar tonen gehoord toen ze opkwamen uit de omgeving van Tau Sagittarii. We hebben onze radio’s afgesteld op de toegewezen frequentie in megahertz, maar nooit weer klinken de roepletters; in hun plaats horen we een duistere grom, als van een geest, gevangen in een Claudespiegel aan de rand van het heelal. We zoeken dat spook, maar het blinde glas kaatst slechts een loze blik naar ons terug, vervaardigd uit de duurzaamste isotoop van het niets. Ze negeert ons, als een sfinx uit zwart kwarts.


*


Arks and zoos now harbour the remnants of our refrains. What poetry can we imagine, when poetry itself has gone extinct? Must we look for it in the soot of our burnt books? Must we decipher it in the trampled pastures of rapeseed near Barbury Castle? Must we discover it by calculating pi to a googol of binary digits? Must we extract its requiem from the iambic pulses of the Cepheids? We have heard its flutter and wow but once, emanating from the precincts of Tau Sagittarii. We have dialed our radios to the appointed frequency in megahertz, but never again does the call-sign chime; instead, we hear a dark roar, as if from a spectre, trapped inside a Claude mirror at the edge of the universe. We look for this ghost, but the blind glass reflects back at us only a blank stare, made from the most durable isotope of nothingness. It ignores us, like a sphinx of black quartz.


Christian Bök (1966)
vertaling: Han van der Vegt





• Leest allemaal de Onze Taal. Of Zone 5300.

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster